De tien beste races van Jim Clark


Met zijn 25 zeges staat de boerenzoon ook 53 jaar na zijn dood nog steeds negende op de eeuwige ranglijst van coureurs met de meeste F1-overwinningen. Wij blikken terug op Clarks tien meest spraakmakende overwinningen.

10. Grand Prix van Zuid-Afrika 1961, East London

Jim Clark, Lotus 21 Climax

Photo by: Motorsport Images

Lotus 21 
Start: 1
Finish: 1

Stirling Moss was in 1961 de beste coureur van het veld. Hij behaalde zelfs in mindere wagens enkele onverwachte overwinningen. Tegen het einde van het seizoen begon Clark echter steeds meer op de deur te kloppen. In het Zuid-Afrikaanse East Londen begon de Schot met zijn Lotus 21 vanaf pole. Moss klom al snel op naar de tweede plek en pakte de leiding over toen Clark een tragere wagen probeerde te ontwijken. Ondanks schade aan de versnellingsbak ontwikkelde Clark een fabelachtig tempo, waarbij hij zelfs sneller ging dan zijn poletijd. Ook Moss kon Clark niet afstoppen. “Clark demonstreerde dat het wereldkampioenschap geen verre droom is voor hem”, schreef het gezaghebbende Autosport destijds.

9. Grand Prix van Australië 1968, Sandown Park

Jim Clark, Lotus 49 Cosworth

Jim Clark, Lotus 49 Cosworth

Photo by: Motorsport Images

Lotus 49T 
Start: 3 
Finish: 1

Clark toonde andermaal zijn vermogen om met druk om te gaan tijdens een felbevochten Australische Grand Prix 1968. Dat was toen geen ronde die meetelde voor het wereldkampioenschap, maar wel voor de Tasman Series, een winterkampioenschap in Australië en Nieuw-Zeeland. In Sandown vertrok de Schot als derde na Jack Brabham en Chris Amon. Hij pakte meteen de leiding en moest zich de hele race verdedigen tegen de Ferrari van Amon. Die bleef maar aanzetten, maar kwam nooit langs de koelbloedige Clark. De Schot kon met zijn Lotus Cosworth steeds wat later remmen dan de Ferrari. Clark en Amon kwamen bijna zij aan zij over de finish. De officiële marge was 0.1 seconde. Door zijn overwinning was Clark ook zo goed als zeker van zijn derde eindzege in de Tasman Series.

8. Grand Prix van Frankrijk 1963, Reims

Jim Clark, Lotus 25

Jim Clark, Lotus 25

Foto: David Phipps

Lotus 25 
Start: 1
Finish: 1

Clark behaalde in zijn carrière acht ‘grand slams’ – zege, pole, snelste ronde en elke ronde aan de leiding, meer dan welke andere coureur ook. De Franse Grand Prix 1963 was zijn derde, maar wel de meest zwaarbevochten. Clark pakte pole en snelde aanvankelijk weg van het veld. In de vierde ronde begon zijn Climax-motor echter tegen te spartelen, waardoor hij het met zo’n 1500 toeren minder moest doen. “Ik voelde dat de motor plots begon te sputteren in de hoge toeren”, schreef Clark in zijn boek. “Ik ondervond snel dat ik door mijn toerental te beperken nog een redelijke rondetijd kon rijden, maar Brabham en Gurney begonnen wel het gat te dichten. Plots begon het te regenen, als een geschenk uit de hemel. Op een vochtig circuit begon mijn voorsprong weer toe te nemen, maar door de motor twijfelde ik of ik de race uit zou kunnen rijden. De regen werd heviger en werd meer een risico dan een voordeel. Het profiel van mijn banden was bijna afgevlakt.” Maar het bleek genoeg. Nadat Brabham werd opgehouden kwam Clark alsnog met een ruime voorsprong over de finish. En met twee kapotte kleppen.

7. Aintree 200 1963

Jim Clark, Lotus 25

Jim Clark, Lotus 25

 Foto: Motorsport Images

Lotus 25 
Start: 1 
Finish: 3 (en 7)

Dit evenement, dat geen deel uitmaakte van het wereldkampioenschap, was een van de grootste comebacks van Clark. Hij begon vanaf pole, maar zijn Lotus 25 kende een batterijprobleem. Daarom zie je hem [op de foto] rechts vooraan zijn arm in de lucht gooien. Clark kon uiteindelijk vertrekken, maar moest overstappen in de auto van zijn teamgenoot Trevor Taylor, wat in niet-officiële races was toegestaan. Taylor werd in de wagen van Clark zevende, Clark had zijn zinnen op meer gezet. Autosport meende dat Clark op anderhalve minuut van leider Graham Hill weer in de race kwam, maar hij rukte op tot de derde plek op amper 28 seconden van Hill. Zijn ronderecord was ook drie seconden sneller dan zijn snelste ronde in de Britse Grand Prix. Clark stal de show. “Ik had een geweldige inhaalrace en verpulverde het ronderecord”, schreef Clark in zijn boek. “Ik heb van deze race echt genoten, nog meer dan van een heel aantal Grands Prix.”

6. Grand Prix van Groot-Brittannië 1965, Silverstone

Jim Clark, Lotus ontvangt de trofee met teambaas Colin Chapman

Jim Clark, Lotus ontvangt de trofee met teambaas Colin Chapman

Foto: Motorsport Images

Lotus 33 
Start: 1
Finish: 1

Ook op Silverstone moest Clark het doen met een nukkige auto. Clark had echter de gave om goed om te kunnen gaan met zijn materiaal, zodat hij in de fragiele Lotus-wagens van Colin Chapman toch resultaten wist te behalen. Clark reed in 1965 op Silverstone aan de leiding tot in de slotfase zijn oliedruk begon te zakken. Hij gebruikte de ontsteking en probeerde door de bochten te bollen zonder de het oliepeil verder te laten zakken, als bij wonder wist hij Graham Hill nog net af te houden.

5. Indianapolis 500 1965

Jim Clark, Lotus-Ford wint de eerste Indy 500 voor Ford

Jim Clark, Lotus-Ford wint de eerste Indy 500 voor Ford

Photo by: Ford Motor Company

Lotus 38 
Start: 1 
Finish: 1

Een van zijn mooiste prestaties zette Clark neer bij zijn debuut in 1963 in de befaamde Indianapolis 500. Clark werd in controversiële omstandigheden geklopt door Parnelli Jones, die niet uit de wedstrijd werd gehaald ondanks een olielek. Die race had dus ook in dit rijtje thuis gehoord, maar in plaats daarvan kiezen we voor zijn overwinning in 1965. In dat jaar waren de meeste deelnemers overgeschakeld op een auto met motor achteraan. De Lotus-Ford 38 werd in Amerika echter nog steeds met veel verwondering bekeken. Clark ging aan de leiding na een duel met polesitter A.J. Foyt in de openingsronden. Clark reed weg en domineerde de race. Dankzij een nieuw, efficiënt injectiesysteem hoefde hij maar twee keer te stoppen op weg naar een zege met twee minuten voorsprong. De Schot was bovendien de eerste rijder die een gemiddelde snelheid bereikte van 150 mijl per uur. Zijn prestatie leverde hem ook 150.000 dollar op, meer dan hij in de Formule 1 opstreek.

4. Grand Prix van Italië 1967, Monza

Jim Clark, Lotus Ford

Jim Clark, Lotus Ford

 Foto: Sutton Images

Lotus 49 
Start: 1
Finish: 3

De Italiaanse Grand Prix 1967 wordt vaak omschreven als de beste prestatie ooit van Clark, en zelfs een van de meest memorabele prestaties in de Formule 1. De feiten: Clark pakte pole en voerde mee de kopgroep aan met teamgenoot Graham Hill, Jack Brabham en Denny Hulme. In die tijd werd er volop gebruikt gemaakt van de slipstream om voorop te blijven. Clark viel vooraan weg in de dertiende van 68 ronden toen hij naar de pits moest met een lekke band. Hij kwam met een ronde achterstand terug de baan op. Clark kon echter opnieuw aansluiten bij het leidende trio. Toen Hill met tien ronden te gaan de strijd moest staken, had Clark de zege nog niet opgegeven. Hij had Brabham in het vizier en haalde de Australiër in. Hij leek op weg naar een gedenkwaardige overwinning tot de Lotus in de slotkilometers begon te proesten: de benzine was zo goed als op. Clark viel terug naar de derde plek, maar later zou teambaas Colin Chapman de race als een van de beste races van Clark bestempelen. Omdat de Lotus 49 zoveel sneller was dan de rest blijft deze prestatie echter op nummer vier staan.

Lotus rijders Jim Clark en Graham Hill met Walter Hayes, Ford

Lotus rijders Jim Clark en Graham Hill met Walter Hayes, Ford

Foto: Rainer W. Schlegelmilch

3. Grand Prix van Nederland 1966, Zandvoort

Jack Brabham, Brabham BT19 Repco, Denny Hulme, Brabham BT20 Repco, Jim Clark, Lotus 33 Climax

Jack Brabham, Brabham BT19 Repco, Denny Hulme, Brabham BT20 Repco, Jim Clark, Lotus 33 Climax

Foto: Rainer W. Schlegelmilch

Lotus 33 
Start: 3
Finish: 3

Bij de overstap in 1966 naar drieliter motoren had Lotus het moeilijk met de Climax tweeliters. In Amerika kon Clark nog profiteren van de pech van anderen. Zandvoort was een ander verhaal. Op een circuit waar hij wel vaker uitblonk, kwalificeerde de Schot zich als derde. Clark knokte in de eerste ronden met Jack Brabham, Denny Hulme en Graham Hill. “De strijd om de leiding maakte het de beste Formule 1-race van dit jaar”, rapporteerde Autosport. Hulme moest al snel opgeven en ook Hill raakte achterop. Brabham kon met zijn krachtigere Repco-motor Clark echter niet afschudden. Op een glad circuit hield Clark gelijke tred. In de 27ste van 90 ronden pakte Clark de leiding over in de Tarzan. In ronde 76 most Clark met een stomende radiator naar binnen. Een waterpomp was stukgegaan. Er werd tot tweemaal toe water bijgevuld en zo kon Clark toch nog als derde over de meet komen.

Lees ook:

2. Grand Prix van België 1963, Spa-Francorchamps

Jim Clark, Lotus

Jim Clark, Lotus

Foto: David Phipps

Lotus 25 
Start: 8 
Finish: 1

Clark is een van de grootste regenmeesters in de geschiedenis en dus is het passend dat een van zijn onvergetelijke prestaties in de regen – en dat op een circuit als Spa – hoog in de lijst staat. Clark was geen fan van het originele Spa, maar daar was in 1963 niets van te merken. Door problemen in de kwalificatie startte hij pas als achtste op de derde rij, maar na een sensationele start pakte hij de leiding over nog voor Eau Rouge. Hill was met zijn BRM niet in staat om de Lotus van Clark te volgen in de vochtige omstandigheden en viel niet veel later uit. Toen de hemelsluizen helemaal opengingen was de voorsprong van Clark al anderhalve minuut. De omstandigheden werden zo slecht dat Chapman en BRM-baas Tony Rudd vroegen om de race stil te leggen. Dat gebeurde niet. Clark zette nummer twee Bruce McLaren op een ronde, maar die ontdubbelde zich zodat de voorsprong aan de finish 4:54 was.

Spa stond in het droge al bekend als een bijzonder gevaarlijke omloop. Dat was in de regen alleen maar erger en al helemaal toen bleek dat Clark een groot deel van de race met een hand moest rijden omdat anders zijn versnellingspook uit de versnelling zou springen. Met zijn Lotus 25 haalde Clark in de beruchte Masta-knik 230 kilometer per uur. “De wagen ging vaak uit de hoogste versnelling, wat zeker op Spa geen pretje was. Op weg naar de kink hield ik de versnellingspook vast met mijn rechterhand en hield ik met mijn linkerhand het stuur onderaan vast”, legde Clark haarfijn uit in zijn boek uit 1964. “Dat deed ik omdat de wagen de neiging heeft om in de knik van de ene naar de andere kant van de weg te slingeren. Ik moest daarom vaak bijsturen. Door mijn hand laag op het stuur te houden kon ik met één hand het stuur omgooien en de sliding controleren.”

1. Grand Prix van Duitsland 1962, Nürburgring

Jim Clark, Lotus 25

Jim Clark, Lotus 25

Foto: David Phipps

Lotus 25 
Start: 3 
Finish: 4

Clark eindigde niet eens op het podium van de race die op nummer een staat in deze lijst. De oude Nordschleife was een van zijn favoriete circuits. Clark kwalificeerde zich als derde achter de Porsche van Gurney en de BRM van Hill, maar vergat zijn benzinepomp aan te zetten. Bij de start was hij een vogel voor de kat, maar in de regen wist hij zich terug te knokken. Clark passeerde zo’n tien wagens in de eerste ronde en rukte op naar de vierde plaats. Na een stevige slipper besloot hij genoegen te nemen met de vierde plaats. Volgens Clark zelf was de Duitse Grand Prix 1962 zijn beste ooit omdat dat de enige race was waarin hij constant voluit moest gaan om zijn eigen fout bij de start recht te zetten. En wie zijn wij om de grootmeester tegen te spreken.

Jim Clark, Lotus 25

Jim Clark, Lotus 25

Foto: David Phipps



Source link

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: