Winnaars en verliezers Grand Prix van Sakhir


Winnaars:

Precies 190 keer heeft Sergio Perez de startlichten zien doven in de koningsklasse. Waar driemaal volgens het bekende spreekwoord scheepsrecht is, had de Mexicaan iets meer pogingen nodig. Maar tijdens de eerste en waarschijnlijk ook laatste Sakhir GP was het raak. En goed ook. Perez werd in de rondte getikt door Charles Leclerc en leek veroordeeld tot een kansloze missie. Maar niets bleek minder waar. Met het mes tussen de tanden kwam hij naar voren. Natuurlijk heeft hij geprofiteerd van gepruts bij Mercedes, maar je moet er zijn. Alleen daarvoor verdient Perez al lof. Want waar was Alexander Albon bijvoorbeeld? Een stille hint voor Red Bull, maar dat geheel terzijde. Het dubbele podium op het ‘outer circuit’ is verder een prachtige opsteker voor Racing Point. Het kopieergedrag verdient geen schoonheidsprijs, maar met bescheiden middelen is het team wel zeer ver gekomen. Waarvoor hulde.

Waar Perez tijdens de race veerkracht heeft getoond, heeft Esteban Ocon dat gedurende het F1-seizoen 2020 ook gedaan. De Fransman heeft het dit kalenderjaar immers niet zo makkelijk gehad. Ocon werd binnengehaald als Frans uithangbord, maar heeft grotendeels in de schaduw van Ricciardo geacteerd. De goedlachse man uit Perth kreeg lof voor de progressie van Renault en mocht ook tweemaal naar het ereschavot. Ocon stond er telkens als een lachende boer met kiespijn bij. Zelf viel hij tegen, het was tot dusver wat mat of draai die letters maar om en noem het tam. Ocon kwam de Formule 1 op imponerende wijze binnen, maar het jaartje langs de zijlijn heeft hem geen goed gedaan. In Sakhir sloeg hij echter knap terug. Perez bleek een maatje te groot in zijn Racing Point, maar Ocon bracht op zijn beurt een éénstopper tot een goed einde. Zijn eerste podiumnotering in de Formule 1 is de welverdiende beloning.

Nee, als je kijkt naar het resultaat dan hoort George Russell hier niet te staan. Hij had normaliter  voor P9 getekend, maar niet achter het stuur van die bloedsnelle Mercedes. En toch is Russell een winnaar. Het povere resultaat valt hem namelijk niet aan te rekenen. Sterker nog: de invaller voor Lewis Hamilton heeft zich voortreffelijk getoond. Terwijl hij wat onbeholpen in de auto zat, door een zitje dat al drie jaar oud was, bleef hij foutloos. Op zaterdag kwam hij slechts 0.026 tekort voor pole en een dag later nam hij Valtteri Bottas de maat. Hij kende een goede start vanaf de vuile kant van de grid en leek nadien een Hamiltontje te doen: naar een dominante zege rijden. Het had zo mooi kunnen zijn, ware het niet dat Mercedes uitgerekend deze race begon te prutsen. Wat normaal zo’n geoliede machine is, veranderde in een zooitje ongeregeld. Samen met een late leegloper heeft het Russell de zege gekost. Zeer teleurstellend, al mag de jonge Brit trots vooral zijn. Hij heeft zijn visitekaartje afgegeven en komt er echt wel.

 

Verliezers:

De pech van Russell brengt ons ook meteen bij de voornaamste verliezer: het team van Mercedes. Zoals gezegd kwam er in de woestijn zand in de motor. Meer specifiek door een storing met het interne radiosysteem. Zo kwam de boodschap vanaf de pitmuur niet bij de volledige crew aan, ook doordat Russell tegelijk over de boordradio sprak. Volgens Toto Wolff krijgen meldingen van Ron Meadows, sportief directeur, normaliter voorrang maar gisteren om onverklaarbare redenen even niet. Gevolg was een chaos in de pitstraat zoals we die ook in Hockenheim 2019 hebben gezien. Er volgde een goocheltruc met banden waar Hans Klok nog jaloers op kan zijn. Een zeker lijkende één-twee is op die manier door het putje gespoeld. Het voorbeeld van Hockenheim laat trouwens al zien dat er bij de kampioensbrigade van Mercedes wel vaker dingen verkeerd gaan onder druk. Alleen staat ze niet zo vaak onder druk…

De tweede verliezer moet ook binnen de gelederen van Mercedes worden gezocht: Valtteri Bottas. Bij afwezigheid van Hamilton stond de Fin maar één ding te doen en dat was winnen, of in ieder geval overtuigend afrekenen met zijn tijdelijke teamgenoot. Het is niet gelukt. Sterker nog: de ultieme tweede rijder moest weer zijn meerdere erkennen. Op zaterdag nog niet, al was het gat bijzonder klein als je bedenkt dat Russell nog op verkeerde knoppen drukte en niet lekker zat. Op zondag ging het helemaal mis voor Bottas. Natuurlijk is dat voor een deel aan de fouten van Mercedes te wijten, maar in tegenstelling tot Russell greep hij zijn kans niet. De polesitter liet zich verschalken in de openingsronde en hobbelde nadien kleurloos achter de Mercedes-invaller aan. Waar Bottas zich juist dit weekend had moeten tonen aan Wolff en co, heeft hij hen alle reden gegeven om voor 2022 maar eens een andere keuze te maken.

Als laatste verliezer hadden we prima Red Bull kunnen aanduiden, maar we gaan voor de man die de frustrerende middag voor dat team heeft ingeluid: Charles Leclerc dus. Waar de Ferrari-coureur op zaterdag een fabuleuze kwalificatie afwerkte en zelfs eerder uit de auto stapte omdat ‘er toch niet meer in zat’, ging het een dag later rap mis. Een typisch voorbeeld van te snel teveel willen. De tweevoudig Grand Prix-winnaar vergaloppeerde zich in bocht vier en tikte Perez in de rondte. Waar het voor de latere racewinnaar nog goed afliep, bleek Max Verstappen de pineut. De Nederlander moest uitwijken, belandde in het grind en eindigde tegen de bandenstapels. Na een trap tegen diezelfde bandenstapels liet hij weten de actie van Leclerc ‘gewoon dom’ te vinden. Daar zit een kern van waarheid in. Tegelijkertijd voorspelde Leclerc zaterdag al dat de race pace van zijn Ferrari niet goed genoeg zou zijn, waardoor hij extra agressief was in de beginfase. Deze actie was echter teveel van het goede met een nulscore, onbegrip bij collega’s en ook nog drie plaatsten gridstraf voor de seizoensfinale tot gevolg. 

 



Source link

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: